Schematherapie

Iedereen heeft een bepaalde manier waarop hij of zij kijkt naar zichzelf, anderen en de wereld om zich heen. Deze manier van kijken is deels gebaseerd op ons temperament (de aard van het beestje) maar evenzeer op ervaringen en herinneringen die we meedragen. Doordat sommige moeilijke ervaringen nooit gecorrigeerd werden, wordt informatie soms eenzijdig geïnterpreteerd. Soms merken we dat we daardoor in ons volwassen leven terecht komen in vaste patronen: klachten die steeds terugkomen in voelen, denken en handelen of in relaties met anderen. Dan kan je spreken van een gevoelige snaar (een schema of valkuil). De meeste mensen hebben meerdere gevoelige snaren die van tijd tot tijd kunnen opspelen. Ze kunnen heel wat emoties losmaken; vaak proberen we ons dan tegen die gevoelens te beschermen (door ertegen te vechten, er van weg te vluchten, …).

In schemagerichte therapie leer je bewust te worden van je gevoelige snaren en leer je er anders mee om te gaan. Voorbeelden van schema’s of valkuilen zijn verlatingsangst, hoge eisen, wantrouwen of zelfopoffering.

Intussen blijkt schemagerichte therapie, oorspronkelijk ontwikkeld door Jeffrey Young, een goede behandelvorm te zijn als het soms moeilijk lukt om die gevoelige snaren het hoofd te bieden en als je daardoor problemen ervaart in relaties, met je werk of studies of vaststelt dat sommige klachten (angst, depressie, …) steeds terugkomen.